De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken.

Strikt noodzakelijke cookies
Deze cookies zijn strikt noodzakelijk om in de site te navigeren, of om te voorzien in door jou aangevraagde faciliteiten.
Functionaliteitscookies
Deze cookies verbeteren van de functionaliteit van de website door het opslaan van jouw voorkeuren.
Prestatiecookies
Deze cookies helpen om de prestaties van de website te verbeteren, waardoor een betere gebruikerservaring ontstaat.
Online surfgedrag gebaseerde reclame cookies
Deze cookies worden gebruikt om op de gebruiker op maat gemaakte reclame en andere informatie te tonen.

De bonte krokus: van de alpenweide naar de Lommelse vloeiweide

De vrijwilligers van de Limburgse Koepel voor Natuurstudie (LIKONA) brachten alle restanten van de vloeiweiden of wateringen in Noord-Limburg in kaart en inventariseerden de planten die er voorkomen grondig. Dat leverde een indrukwekkende lijst van 484 soorten op. 16 % hiervan staat beschreven als “karakteristiek” en/of “zeldzaam”.

De bonte krokus is een van die bijzonderheden. Dit kleurrijke plantje treffen we van nature in de weilanden van de Alpen aan. Eind februari - begin maart bloeit de krokus nochtans dichtbij huis, namelijk in de vloeiweiden van Lommel. De bonte krokus is daar in goed gezelschap van “Haspengouwse” soorten en Kempense zeldzaamheden. Hun voorkomen heeft alles te maken met een oud agrarisch-economisch gebruik dat in de Kempen gangbaar was: het bevloeien van graslanden. Omdat het helemaal niet goed gaat met de typische Limburgse graslandflora hebben de vloeiweiden een zeer belangrijke ecologische waarde. Ook op het vlak van waterberging en erfgoed spelen de wateringen een belangrijke rol. Daarom dient een internationale werkgroep volgende maand bij UNESCO een aanvraag in om de traditionele graslandbevloeiing van een tiental plaatsen in Europa, waaronder die van Lommel, een plaats te bezorgen op de Unesco-lijst van het immaterieel erfgoed van de mensheid.

Een waardevol onderzoeksnetwerk van vrijwilligers

“De vrijwilligers van LIKONA zijn natuurliefhebbers die van natuurstudie een passie hebben gemaakt,” legt Bert Lambrechts, gedeputeerde van Milieu en Natuur, uit. “Hun inspanningen leveren waardevolle gegevens en inzichten op waarmee we in ons provinciaal natuurbeleid rekening kunnen houden. Vanuit het Provinciaal Natuurcentrum coördineren en ondersteunen we het LIKONA-netwerk en zorgen we voor de nodige publicaties. Dat kan van alles zijn: een jaarboek, boeken of artikels zoals “De wateringen in Noord-Limburg” geschreven door Robert Berten en Albert Jansen. Dit artikel vertelt over de werking van de Kempense wateringen en de plantenspeurtocht van onze LIKONA-onderzoekers.” Lambrechts beklemtoont: “Door resultaten te publiceren krijgt iedereen een inkijk in wat onze LIKONA-vrijwilligers doen en in de bijzondere natuur van de wateringen.”

Het ontstaan van de wateringen in Noord-Limburg

Albert Jansen van Natuurpunt legt het ontstaan van de wateringen in Noord-Limburg uit: “In de negentiende eeuw wilde de Belgische staat grote delen van de braakliggende “woeste” gronden in de economisch achtergestelde Kempen omvormen tot “wateringen”. Wateringen zijn grote oppervlakten geïrrigeerde graslanden of vloeiweiden. De ruggengraat van het project was een kanalenstelsel dat moest aangelegd worden en dat agrarische vooruitgang en economische ontsluiting als doel had. Het kanaal Bocholt-Herentals werd de hoofdader. In Limburg waren er wateringen in Neeroeteren, Bocholt, Hamont-Achel, Kaulille, Pelt en Lommel. Grote delen hiervan zijn verdwenen maar wat er nog van rest, zorgt voor waardevolle natuur.”

Ecologische waarde wateringen: 484 soorten waarvan 77 karakteristieke en/of zeldzame soorten

Robert Berten van de plantenwerkgroep van LIKONA bevestigt: “De restanten van de Kempense wateringen zijn ecologisch heel erg waardevol. Via aanvoersloten vloeit kalkrijk Maaswater uit het kanaal Bocholt-Herentals door de graslanden. De planten die in de vloeiweiden leven, verschillen dan ook van hun buren in de naaste omgeving. Door het kanaalwater veranderden de oorspronkelijke zure zandgronden in voedselrijke bodems. Het water voerde ook plantenzaden aan uit Lotharingen, Condroz, Ardennen, Haspengouw en de (Limburgse ) Maasvallei. Allemaal regio’s waar de Maas passeert. Kalkminnende planten die we in de Kempen zelden of niet aantreffen, kunnen we in de wateringen bewonderen: grote pimpernel, zwartblauwe rapunzel, herfsttijloos, gulden en slanke sleutelbloem, poelruit, knolsteenbreek, … Bovendien heeft het inzaaien met Zuid-Europese graszaden gezorgd voor een bijzondere vegetatie met onder meer weideklokje, bergklokje, oeverdistel en bonte krokus.” Berten concludeert: “We hebben in totaal 484 soorten gevonden met 77 karakteristieke en/of zeldzame soorten. Als je weet dat het in Limburg heel slecht gesteld is met de typische planten van de weilanden, dan kunnen we alleen maar beklemtonen hoe belangrijk deze graslanden wel zijn.”

Aanvraag tot erkenning bij Unesco voor traditionele graslandbevloeiing

Albert Jansen van Natuurpunt Lommel gaat verder in op de bescherming van deze natuurrijke gebieden. “De Vlaamse overheid, natuurverenigingen en zelfs privépersonen leveren heel wat inspanningen op het terrein. Het 15 ha grote grasland in Lommel-Kolonie is het best bewaard. De vrijwilligers van Natuurpunt bevloeien dit jaarlijks (witteren) zoals vroeger. Voor dit witteren kreeg het cultuurhistorisch landschap van de vloeiweiden in Lommel in 2021 een eervolle vermelding bij de onroerenderfgoedprijs van de Vlaamse overheid. Bovendien is het witteren sinds 2019 toegevoegd aan de Vlaamse inventaris immaterieel erfgoed.” Jansen, zelf conservator van de Lommelse vloeiweiden, benadrukt: “Het is heel belangrijk dat we deze eeuwenoude techniek in ere houden. Maar zonder erkenning gaat dat niet, vandaar dat een internationale werkgroep volgende maand een aanvraag indient bij Unesco om de traditionele graslandbevloeiing van een tiental plaatsen in Europa, waaronder Lommel, een plaats te bezorgen op de Unesco-lijst van het immaterieel erfgoed van de mensheid.”

Bert Lambrechts, gedeputeerde van Milieu en Natuur, besluit: “Je kunt niet om de bijzondere ecologische waarde van het witteren heen. Ook waar er niet meer bevloeid wordt, is de invloed van de jarenlange bewatering nog merkbaar. Met de droogteproblematiek in het achterhoofd kunnen we hier zeker inspiratie opdoen. Voor wie meer wil weten over de “De wateringen van Noord-Limburg” geef ik nog even de link mee naar het artikel.”